De NOS pakte groot uit met het nieuws dat Kiki Bertens op Roland Garros de nummer drie van de wereld verslagen had. Het was, wist statistiekenvreter Simon Gleave op Twitter te melden, pas de derde keer in de geschiedenis dat een Nederlandse vrouw op een grandslamtoernooi een topdriespeelster wipte. (Eerder deden Betty Stöve en Arantxa Rus dat.) Tot vandaag was het net zo zeldzaam als een wereldoorlog dus.

Onder coach Paul Haarhuis heeft Kiki Bertens al een fenomenaal track record opgebouwd in de FED Cup, en nu toert ze met Reamon Sluiter als coach. Een slimme keuze, want tennissen kan Kiki wel; wat ze nodig heeft is een beetje relativering en hulp op het juiste moment. Sluiter betoonde zich daar vorige week een meester in, toen hij Bertens naar de winst van het toernooi in Nürnberg loodste. Die overwinning, in combinatie met de bewezen kracht van een sturende hand op de achtergrond, maakte dat Bertens vandaag alleen in cijfermatig opzicht de underdog was. Eigenlijk was de zege geen stunt. Het lag in de lijn der verwachtingen – Bertens is momenteel wereldtop op gravel.

Sluiter zelf kwam nooit verder dan de derde ronde op een grandslam. Misschien moet iemand hem gaan vertellen dat die toernooien twee weken kunnen duren.