Ik zong gisteravond mee in een cantorij. Naast mij zat de nestor van het koor, met 88 jaar precies 2 2/3 keer zo oud als ik. Zingen staat niet als sport geregistreerd, hoewel er wel wedstrijden in gehouden worden. Dat komt natuurlijk omdat er altijd smaak bij komt kijken, en je behalve het aantal decibellen of hertzen weinig objectiefs meten kunt.

Wat zingen bijzonder maakt, is dat alle leeftijden het samen kunnen doen. Mijn oma weet niet meer wat ze gisteren at, maar lepelt moeiteloos op wat ze tachtig jaar geleden op het kinderkoor leerde. Het bracht me, op weg naar huis, bij de vraag welke sporten de grootste leeftijdsdiversiteit kennen op professioneel niveau. Alle denksporten scoren hoog. Onder grootmeesters zijn zestig- en zestienjarigen. Ook ruiters en amazones kunnen tot op relatief hoge leeftijd met elkaar concurreren. (In tegenstelling tot hun paarden; die verschillen vaak niet meer dan een paar jaar.)

Kleiduivenschieten kun je decennialang doen. Alle schietsporten trouwens. Er zijn zeilers van in de vijftig. Maar een leeftijdsverschil van 55 jaar? Nee. Maar toen dacht ik aan Raymond Ceulemans. 35-voudig wereldkampioen. Vorig seizoen nog was hij actief in de een-na-hoogste biljartcompetitie van Nederland. 76 jaar. Me dunkt dat hij weleens een 21-jarige aan de tafel getroffen heeft.