Omdat ex-aequonotering zo’n mooi woord is (en bovendien met een koppelteken wordt geschreven, waardoor het door de woordenteller als één woord wordt gezien en dus niet te veel afsnoept van de ongeveer 200 woorden die ieder stukje rijk is), op 10 in de eindejaarslijst dit jaar twee gebeurtenissen.

10a.  Het is niet leuk om een lijst te beginnen met een negatief resultaat, maar om de rugbyvrouwen kun je niet heen. Of wel, in zekere zin, want toen het erom ging liep iedereen ze voorbij. Ooit was deze ploeg een van de speerpunten van het NOC*NSF voor het rugby sevens dat in Rio voor het eerst olympisch is. Maar in tegenstelling tot alle concurrenten ontwikkelde de ploeg zich niet. Kwalificatie voor Rio werd verspeeld, tranen werden geplengd, en vervolgens werd het stil. Een trieste aftocht, nog voor er van een echte opkomst sprake was.

10b. Ook de eerste drieëndertiger op de 500 meter schaatsen mag niet onvermeld blijven. Pavel Koelizjnikov is een Rus met een dopingverleden – helaas bijna een pleonasme – maar 33.98 is historisch. Waar de 500 meterasymptoot ligt weten we niet, maar het duurde zeventien jaar voor we van 34 naar 33 gingen; Pavel zit allang te rentenieren op zijn datsja als de 32’ers in zicht komen.