Het is de wet van de goed presterende nationale zaalsportteams in Nederland dat de camera’s pas op ze gericht worden als de uitzonderlijke prestatie eigenlijk al geweest is. Waarom vallen handbaldames voor je gevoel altijd tegen? Omdat we pas naar hun wedstrijden gaan kijken als ze op een EK of WK staan.

Evenzo zou het gemakkelijk zijn de basketballers af te serveren als zij volgende week zouden stranden in de eerste ronde van het EK. Maar de manier waarop ze er gekomen zijn verdient applaus. Lange mannen die in economyclassstoeltjes met economyclassbeenruimte naar verre oorden vlogen – grotendeels op eigen kosten – om daar tegen alle verwachtingen in wedstrijden te winnen.

Toon van Helfteren, de bondscoach, deed dat zonder fatsoenlijke vergoeding en met louter spelers uit de Nederlandse competitie. Dat was op mentaal vlak een grootse prestatie, maar de werkelijke uitdaging volgt nu. Een aantal van de mannen die toen hun knieën opofferden, heeft nu plaats moeten maken voor spelers uit buitenlandse competities die zich vorig jaar te groot voelden voor het kwalificatietraject. Volgende week zitten er dus spelers thuis die geknokt hebben voor de glorie van anderen. Dat zijn de enigen die schamper mogen doen over eventuele nederlagen.

Advertenties