Ik verdwaalde vanmorgen op een dijk tussen Dalem en Gorkum. Om Loesje te citeren: in een dwarsstraat kom je vaak de mooiste dingen tegen. En hoewel je erover kunt twisten of een dijk een dwarsstraat genoemd kan worden, was dat van die mooie dingen waar.

Links van de dijk lag de Waal, die net overging in de Boven Merwede. (Dit moest ik zojuist thuis opzoeken, het was aan het water niet te zien.) Rechts lag het schitterende sportcomplex van GJS: De Gorkumse Jonge Spartanen. (Ook hiervoor had ik Google nodig.) Vier blakend groene, strak gemaaide velden, met een schattige tribune en Hollandse luchten erboven.

Nederland is het land van Marsman en Cruijff. Hier kwamen de twee samen: links de poëzie, rechts de sport. (Als je je omdraaide, was het andersom.) Ertussen lag dus de dijk, met daaraan prachtige huizen. Hun voortuin keek uit op het oneindige laagland, terwijl je in de achtertuin de jonge spartanen kon zien struikelen over de bal. ‘Ik heb nooit hard gelopen om dichters te ontmoeten, maar mij meermaals buiten adem gefietst om op tijd bij een voetbalwedstrijd te zijn.’, schreef Cees Buddingh’ ooit. Hier was je altijd op tijd voor beide. Ik heb mijn droomhuis gevonden. Jammer dat ik twee maanden geleden verhuisd ben.

Advertenties