Goed. Kurkzakslaan dus. Als je op kurkzakslaan googelt, krijg je alleen maar verwijzingen naar het persbericht van deze week dat er in Lemmer kurkzakslaan was georganiseerd als vervanging voor het skûtsjesilen. Dat doet vermoeden dat kurkzakslaan een dit jaar uitgevonden sport is, maar wat geeft het.

Een kurkzak is een stootkussen voor een boot. Vermoedelijk een zak van kurk, maar ik ben verder niet heel diep in de etymologie gedoken. Voor het kurkzakslaan heeft men zes dingen nodig: een giek (het lange stuk hout waar normaal de onderkant van het grootzeil aan vast zit), water waar de giek overheen is gelegd, twee kurkzakken en twee deelnemers. De twee deelnemers zitten beiden op de giek, boven het water, met hun gezichten naar elkaar toe. Met de kurkzak moeten ze proberen elkaar in het water te krijgen. Wie het laatst van de giek valt, wint.

Meer is het niet. Het is het spel dat je bij expeditie Robinson ook vaak ziet, maar daar heet het dan kokosnotenslaan. Of zoiets. Hoe dan ook: Jurjen Veldboom van het skûtsje van Earnewâld (je wordt gék van die dakjes in het Fries) won. Hoofdprijs: honderd oliebollen. Twee dagen later liep Earnewâld averij op met het schip. Waarschijnlijk was Veldboom door de bodem gezakt.

Advertenties