Peter van Vossen deed ooit mee aan een wedstrijd van Feyenoord, terwijl hij net terugkwam van een nekblessure. De trainer, volgens mij was het Leo Beenhakker, drukte hem op het hart vooral niet te koppen. ‘Gewoon bukken’ was het devies, als er een bal voorbij zou zeilen. Ik moest eraan denken toen ik vanmorgen las dat Juan Martin Del Potro bezig is aan een rentree, maar omwille van zijn linkerpols nog geen backhandwinners kan slaan. Desondanks versloeg hij al twee tegenstanders, waaronder Fognini, toch een toptwintigspeler.

Meedoen terwijl je niet fit bent. Het gebeurt vaker in de sport. In 1985 reed Rein Jonker de Elfstedentocht terwijl hij nauwelijks geslapen had. Hij was drie dagen voor de tocht naar Polen gereisd, om daar de alternatieve tocht te rijden. Gebroken kwam hij net op tijd terug voor de inschrijving. Desondanks werd hij vijftiende. In 1970 brak Frans Beckenbauer zijn sleutelbeen in de halve finale van het WK tegen Italië. Met zijn arm in een mitella speelde hij de wedstrijd uit. Ondenkbaar in het voetbal van vandaag.

Overigens is spelen met een gebrek iets wat ik mijn hele voetbalcarrière gedaan heb. Mijn gebrek was vooral dat ik niet kan voetballen.

Advertenties