Vandaag komt Sinterklaas aan in het land, dit jaar achter zijn vooruitgeworpen schaduw aan. Een zwarte schaduw, zou je bijna zeggen, maar daar moet je mee oppassen tegenwoordig. Ik zag net een foto van de ME-busjes die zich gemeld hebben in Gouda. Geen pepernoten, maar pepperspray.

Hoewel ik het sinterklaasjournaal toren-, of beter gezegd schoorsteenhoge kijkcijfers gun, moet ik zeggen dat ik voor het eerst met maar weinig enthousiasme uitkijk naar de intocht. Ik was jarenlang voorstander van zwarte piet. Ik heb er nooit iets rascistisch in gezien, maar nu denk ik: het is beter als we het stereotype wat afvlakken. Vroeger waren er ook witte pieten, en kinderen geloven alles, als ze er maar cadeautjes voor terugkrijgen.

Maar de wijsheid staat naast de weemoed. Weemoed naar de jaren dat je op de derde zaterdag van november een thuiswedstrijd speelde, en op het parkeerterrein naast de club louter zwarte pieten zich warmliepen voor de intocht in het dorp. Op de grote, bruine televisie in de hoek van de kantine stond Aart Staartjes paniekerig te wachten op Sinterklaas, terwijl de E- en F-pupillen, die al klaar waren met spelen, achter hun patatjes zaten te kijken. Ouderdom komt met de jaren, zei opapiet gisteren. En de wijsheid met gebreken.

Advertenties