Op 2 januari 1972 maakte Johan Cruyff een van de mooiste doelpunten uit zijn carrière. Uit bij ADO Den Haag in het Zuiderpark krulde hij, met het lint van de sok nog in zijn hand, de bal over doelman Ton Thie.

Met die gedachte in het achterhoofd liep ik gisteren door het Zuiderpark. Tot voor een paar maanden geleden stond daar nog het restant van het oude stadion van ADO. Inmiddels spelen ze al jaren in het Kyocera Stadion langs de A12, zo ver weg van de volkswijken die de supporters moeten leveren dat het de ziel uit de club heeft gehaald. De uitbaatster van het Paviljoen waar ik gisteren een huwelijksfeest bijwoonde, wist te vertellen dat het oude stadion pas onlangs helemaal was gesloopt. ‘Er komt nu een sportcampus’. Ik liep naar de hoek waar het stadion stond. Eén grote bouwput. Geen halve tribune of een lichtmast – niets herinnerde aan de gloriejaren van het Haagse voetbal. Alleen de twee kassahuisjes stonden er nog. Daar hadden de mensen 42 jaar geleden voor een paar gulden geluk gekocht. Er was niets van over.

Zou er over zestig jaar ook iemand mijmerend bij het dan gesloopte Kyocerastadion staan? Het is moeilijk voor te stellen.